Sinds 2011 is de maatschappelijke stage (MaS) verplicht voor alle leerlingen die instromen op het voortgezet onderwijs. Alle leerlingen moeten in hun schoolloopbaan in totaal 30 uur besteed hebben aan maatschappelijke stage. Doel van de maatschappelijke stage is dat alle jongeren tijdens hun middelbare schooltijd kennis maken met vrijwilligersactiviteiten en zo een onbetaalde bijdrage leveren aan de maatschappij.
De maatschappelijke stage maakt jongeren niet alleen bewust van hun omgeving en de rol die zij daarin kunnen hebben, maar draagt ook bij aan hun persoonlijke ontwikkeling. Door de maatschappelijke stage ervaren de leerlingen wat het betekent om anderen te helpen. Ze krijgen daarbij te zien hoe de nader denkt, doet en voelt. Dit bevordert wederzijds begrip en respect.
Ze leren ook verantwoordelijkheid dragen en het geeft ze de mogelijkheid hun sociale vaardigheden te versterken. Voor de leerlingen is de maatschappelijke stage een buitenschoolse leerervaring, die vaak meer indrukken achterlaat dan een dag in de schoolbanken. Dat kan op verschillende manieren bijdragen aan de persoonlijke ontwikkeling. Hierbij kun je denken aan het aanleren van verschillende vaardigheden zoals samenwerken, voor jezelf opkomen, initiatief nemen, verantwoordelijkheid nemen, vergroten van het zelfvertrouwen, iets organiseren, omgaan met situaties die vaak wat minder gestructureerd zijn dan op school.
Het Almende college kent drie vestigingen; de Wesenthorst, het Isala en de Bluemers. Op alle drie de vestigingen zijn MaS-coördinatoren aangesteld om de MaS voor hun leerlingen te regelen en de contacten met de stagebieders te onderhouden.
Onderstaand zijn de namen vermeld van de MaS coördinatoren van de drie locaties. Mevrouw A. Smid is bovenschools MaS-coördinator.
locatie Isala mevr. A. Schimmel en mervr. G. Rebel.
locatie Bluemers mevr. M. van Groningen en dhr. R. Tuenter.
locatie Wesenthorst mevr. K. Gerritsen, dhr. P. Visser, dhr. M. Mussche.
Taken van deze coördinatoren zijn o.a.het onderhouden van contacten met de stagebieders, het begeleiden van leerlingen in het keuzeproces van de MaS, het plaatsen van leerlingen op geschikte stageadressen, evalueren van stages met de leerlingen, ontwikkelen van materialen, registreren van stage-uren en overleggen met coördinatoren van andere scholen.
Het is wettelijk vastgelegd dat alle leerlingen die een maatschappelijke stage buiten de school lopen een stageovereenkomst moeten hebben. Daarin worden de duur van de overeenkomst, de stagedagen en stagetijden omschreven. Deze overeenkomst dient voor akkoord te worden ondertekend door school, stagebieder en ouders/verzorgers van de stagiair(e).
Op dit moment wordt de MaS op het Almende College op de volgende manier ingevuld. Leerlingen uit leergaar 1 mogen alleen binnen de school MaS activiteiten uitvoeren. Op het Almende College zijn goede doelenacties georganiseerd met behulp van de eerstejaars en hebben ze meegeholpen bij de MaS informatieavond.
Het zwaartepunt van de MaS ligt in leerjaar 2; het streven is om de leerlingen 20 uur stage te laten lopen. Er worden verschillende klassikale MaS activiteiten georganiseerd en leerlingen doen veel individuele stages, bv. bij sportverenigingen, de jongereninloop, op basisscholen, peuterspeelzalen en in zorginstellingen. Het streven is dat de leerlingen in het derde leerjaar de stage afronden. Leerlingen van het Isala kunnen in leerjaar 4 en 5 nog enkele uren stage lopen.
Op de website van MaS Achterhoek, www.mas-achterhoek, kunnen zowel de leerlingen als hun ouders, maar ook de stagebieders veel informatie vinden over de organisatie van de maatschappelijke stage. Hier kunnen leerlingen een MaS-stage vinden en stagebieders kunnen hier hun MaS-vacatures plaatsen. Daarnaast staan er diverse links naar andere interessante websites over de MaS.
De scholen voor voortgezet onderwijs en praktijkonderwijs in de Achterhoek, hebben de handen ineen geslagen om de MaS in de Achterhoek zo goed mogelijk te organiseren. Mevrouw H. Noordink is aangesteld als een regiocoördinator MaS Achterhoek. Zij levert een bijdrage aan een goede afstemming en samenwerking tussen de scholen, de vrijwilligersorganisaties, stagebieders en gemeenten.